Heb je ook spaargeld?!

 

Nicole zit er weer even helemaal doorheen. Zevende sessie. Erg teleurgesteld. Vooral in zichzelf. Andere cliënten gaat het toch stukken beter na zeven sessies? Dus zelfs ‘ene Harry in een klooster’ helpt haar niet. Niet afdoende. Denkt ze.

Klopt, het waren ook weer heftige weken, zowel privé als op het werk. Je kent ze vast ook wel, van die weken waar alles mis lijkt te gaan. ‘Shit happens’, maar dan allemaal tegelijk. Geen wonder dat ze er weer even helemaal doorheen zit! En intens verdrietig. De wanhoop nabij. Wat nu?

 

 

Om te beginnen toon ik mijn begrip, voel ik met haar mee, geef haar verdriet alle ruimte. Maar ik wil ook iets bereiken, een verandering in haar leven. ‘Shit’ blijft natuurlijk af en toe ‘happenen’, in ieders leven. Maar hoe kunnen we daar anders mee omgaan. Hoe kunnen we zorgen dat we dat beter aankunnen?

Als ze even later moedeloos haar hoofd laat zakken, vraag ik haar plotsklaps: ‘Heb je ook spaargeld?’ ‘Spaargeld?!’ Ze richt zich op met een mengeling van verbazing en irritatie. ‘Heb zeker nog meer sessies nodig!’ hoor ik haar denken. Maar dat zegt ze niet. ‘Natuurlijk heb ik spaargeld, leg elke maand wat opzij’. ‘Maar waarom dan?’ vraag ik haar. ‘Voor noodgevallen natuurlijk, dat spreekt toch voor zich?!’ ‘Waarom doe je dat dan niet met energie?!’ ‘Pardon?’

 

En zo verklaar ik haar het verschil tussen échte en geleende energie (zie mijn boek hoofdstuk 6). En dat ik het toch wel een beetje raar vind dat jij het raar vindt dat je geen energie meer hebt als je altijd alles uitgeeft. En meer dan dat! En je dan ook nog druk maakt om zaken waar je niets aan kunt veranderen en zo maar energie blijft verspillen…

Het kwartje lijkt te vallen bij Nicole. ‘Mmm, energie sparen?’ In de komende weken gaat ze allerlei manieren bedenken om dat in haar leven te integreren! ‘En ik ga dat hoofdstuk over energie nog maar eens lezen’ besluit ze. Opgelucht gaat ze weg. Een nieuw begin. Nieuwe energie. Kán, elke dag!

Grip op je leven

 

Grip op je leven, wie wil dat nou niet? Elke dag gelukkig zijn, altijd zonneschijn en je leven lang gezond en sterk…

Hadden we alles maar altijd zelf in de hand! De maakbaarheid van het leven: was het maar zo! Het is en blijft een illusie. We weten allemaal dat het leven zo niet in elkaar zit. Hoe je ook over de Corona crisis denkt, als het ons één ding duidelijk maakt (behalve dan dat we elkaar, en álles wat leeft, meer ruimte moeten geven) dan is het wel dat alles zo maar kan veranderen. Plotsklaps!

‘Shit happens’. En, gelukkig maar, want zonder ‘shit’ groeit geen plant. Mensen evenmin. Hoe hebben we leren lopen? Precies, vallen en opstaan.

 

Laten we ons eerst eens afvragen. Willen we dat? Altijd gelukkig zijn. Waardeer je het geluk dan nog wel? Herken je het überhaupt nog? Of altijd zon? Waarschijnlijk woon je dan in de Sahel en snak je naar een flinke onweersbui. Kortom, er is niets mis met af en toe ‘shit’ in je leven, zaken waar je geen grip op hebt, die je overkomen.

 

Maar waar heb je dan wel grip op? Je partner? Je collega’s? Je familie? Ik neem je even mee naar een intake van jaren geleden met Klaas.

 

Harry Grob Stress tot burn-out

Na amper één slok koffie steekt Klaas van wal: “Ik mag dan wel verwezen zijn door mijn bedrijfsarts, maar het is wel belangrijk dat u van alles op de hoogte bent. Mijn problemen liggen namelijk niet aan mij!” En zo begon Klaas te vertellen over het gedrag van zowel zijn manager als zijn vrouw, hoeveel last hij daar dagelijks van had.

Nog vóór hij zijn waslijst en koffie kon beëindigen, stond ik echter op en stak ‘begripvol’ mijn hand uit: “Nou, veel sterkte dan met alles!” Waarop Klaas verbaasd reageerde: “Maar zijn we nu al klaar dan?” “Ja toch?”, antwoordde ik. “We hebben toch vastgesteld dat het aan je vrouw en je manager ligt?!” Lichtelijk verbouwereerd reageerde Klaas: “Maar misschien is het ook wel de manier waarop ik ermee omga?” “Oh, maar dan blijf ik zitten, dat is mijn specialiteit!”

Uit: Laat je de kop niet gek maken’

 

 

Grip op je leven lijkt mij een illusie; grip in je leven, daar valt wat voor te zeggen. Maar op wie, of wat? Pythagoras betoogde met zijn model ‘The Divine’ dat veel mensen proberen om grip te krijgen op hun sociale omgeving en de situatie waarin ze zich bevinden. Soms lukt dat, vaak niet, maar het leidt vrijwel altijd tot onzekerheid en stress, aldus Pythagoras.

Is dat wellicht het geheim van succesvolle mensen? Dat zij zich focussen op hun diepste dromen, elke hindernis als uitdaging zien, altijd weer op zoek gaan naar nieuwe wegen en zich door niets of niemand laten stoppen? Kortom, zich focussen op de mogelijkheden in plaats van de problemen, op het positieve in plaats van het negatieve?

En mocht ‘Divine’ of goddelijk niet jouw ding zijn, wellicht kun je dat dan veranderen in ‘luisteren naar je hart’.           Klopt altijd…

We hebben het leven, noch de ander, niet in de hand. Wél hoe we daar mee omgaan, zelfsturing! Hoe kunnen we meer de regisseur over ons eigen leven worden? Hierbij drie praktische tips:

 

 

  • Zet je zintuigen op dieet

Wat zou je kiezen?

    • Wonen in een door drugsbendes geterroriseerde krottenwijk of een lieflijk dorpje of stad?
    • Wandelen in een heerlijk ruikend lentebos of op een stinkende afvalbelt?

Waarom kies je dan voor het kijken naar zo veel ellende via televisie, I-pad, mobieltje e.d.? Angst is een nuttige emotie (het alarmeert ons bij gevaar), maar chronische angst verlamt ons en legt o.a. ons immuunsysteem plat.

Kortom, omring je zo veel mogelijk met fijne mensen, schoonheid en natuur. Kies voor positieve prikkels. Of, zoals de Boeddhisten het zeggen: ‘Zie het goede, hoor het goede, doe het goede.’

 

  • Zorg voor je lichaam

Jouw gezondheid is net zoiets als je vrijheid; als je het pas waardeert op het moment dat je het kwijtraakt, ben je vaak te laat…

Als het lampje van de remmen in je auto rood oplicht, vraag je dan de monteur ‘de zekering van dat irritante lampje’ te verwijderen? Nee toch?! Waarom zou je dan niet beter (leren) luisteren naar de ‘lampjes’ van jouw lichaam? Immers, hoe beter je voor je lichaam zorgt, des te beter het voor jou kan zorgen?!

Investeer dus in je gezondheid. En, alle hypes ten spijt, een gezonde leefstijl is niet het één of het ander. Het is een combinatie van factoren, zoals ik beschrijf in de Schijf van Zeven in mijn boek ‘Laat je de kop niet gek maken’.

In één oogopslag kun je daarin zien wat je goed doet en wat je nog kan verbeteren. En elke kleine verbetering werkt als een katalysator op de overige factoren. Wil echter niet te veel tegelijk en waak voor extremen. Kies de gulden middenweg en bedenk bovenal: alle goede dingen komen langzaam!

 

  • Focus je op de weg in plaats van de beren

Ieder huisje heeft zijn kruisje. Een persoonlijke crisis, maatschappelijke crisis, we maken het allemaal mee. Maar bedenk, het Chinese teken voor crisis, bestaat uit twee afzonderlijke tekens: ‘Wee’ en ‘Ji’. Letterlijk betekenen zij: ‘gevaar’ én ‘kans’. Er is dus iets aan de hand. Focus jij je uitsluitend op het gevaar (de ‘beren’), dan loop je het risico dat angst je verlamt! En daarmee je blik, en dus je keuzemogelijkheden, beperkt.

Dus: wees je bewust van het gevaar, maar richt je focus en energie vooral op de kansen! En besef daarbij: niet je dromen zijn bedrog, maar je beren! De meeste tenminste.

 

 

De dokter als cliënt

 

‘Wat gaan we doen?’ vraagt de overspannen arts me aan het begin van onze eerste sessie. Vol verwachting klopt zijn hart. Al is de sofa lui, hij allerminst! Houding voorovergebogen, ellenbogen op de knieën en de linkerhand gevouwen over zijn rechtervuist.

‘Geen idee’ antwoord ik uitdagend maar verder uitdrukkingsloos. Zijn onrust neemt toe. Zijn twijfels ook. Zijn collega had mijn vakbekwaamheid in nogal lyrische bewoordingen omschreven. ‘Maar je hebt toch wel een methode?’ vraagt hij me lichtelijk verbouwereerd.

‘Hoeveel methodes heb je de afgelopen jaren al uitgeprobeerd, regulier en alternatief?  stel ik hem als wedervraag. Na enige overpeinzingen blijkt dat het antwoord niet meer op de vingers van één hand te tellen is. ‘En, heeft het je geholpen?’ ‘Nou, soms een beetje. Maar in elk geval niet genoeg, niet blijvend, anders zou ik hier niet zitten hè?!’

 

‘Hmm, wil je nog koffie?’ vervolg ik, om het even over een andere boeg te gooien. ‘Koffie? Je hebt me net ingeschonken?!’ Intonatie, volume en lichaamstaal maken me duidelijk dat zijn twijfels, niet alleen aan mij maar ook aan zijn collega chirurg, plaats maken voor lichte irritatie.  

‘Aha, het kopje zit nog vol, er kan niets meer bij?’   ‘Ja, duh?!!…’   ‘Maar in jouw ‘kop’ wil je wel methodes en technieken blijven gieten, die je uiteindelijk alleen maar meer in verwarring hebben gebracht?!’…

Het duurde even, maar in enen viel het kwartje en schonk hij mij, opnieuw, zijn vertrouwen. In een volle ‘kop’ kun je schenken wat je wilt, de duurste ‘koffie of thee’, het baat je niets!

 

In mijn vak gaat het er niet om dat je de beste oplossingen aanreikt (die krijgen ze wel van de buurman…), maar dat je de juiste vragen stelt.  Dat je de juiste snaar raakt. En, bovenal en cruciaal, op het juiste moment!

Dat kan op vele manieren. Mét en zónder woorden. Uitsluitend door een begaan hart en een heldere spiegel kan inzicht ontstaan bij de cliënt. En door inzicht kan verandering ontstaan. Want, als je niet ontdekt wáárom je overspannen bent geworden, waarom je een burn-out hebt, hoe wil je het dan een volgende keer voorkomen?…

Goeroe Harry

 

‘Om heel eerlijk te zijn, ben ik nogal teleurgesteld in je coaching. Mijn vorige coach gaf me elk gesprek legio goede adviezen. Jij stelt alleen maar moeilijke vragen. Maar, de eerlijkheid gebiedt mij te zeggen, dat het wel bijzonder is  dat ik je dit nu schrijf. Voorheen zou ik dat niet gedurfd hebben’. Eén van mijn cliënten stuurde mij deze e-mail als reactie op mijn verzoek om enige terugkoppeling na onze sessie. Ik antwoordde: ‘Dank voor je eerlijke feedback, Brigitte. Gelet op de inhoud van je opmerking, lijkt het mij beter om deze persoonlijk te bespreken in onze tweede (…) sessie. Vind je dat goed?’

 

Hoe komt het toch dat we zo vaak zulke hoge verwachtingen koesteren? Waar komen die vandaan, of wie schept deze? Ook Brigitte was al vele jaren in disbalans, doordat het zowel privé als op het werk niet lekker liep. Dan weer zocht ze hulp bij een coach, dan weer bij een psycholoog. Telkens had zij er even baat bij, maar met dezelfde regelmaat kwam het rotgevoel in haar buik terug. En zo kwam ze op een goede dag bij mij met hooggespannen verwachtingen. Eén sessie bij ene Harry en

 

Zou het aan al die nieuwe trends en goeroes liggen die eens in de zoveel tijd voorbijkomen? Je kent ze vast wel; etiketjes vaak in het Engels of quasi Latijn, snufje Oosterse filosofie, modellen vaak in het vierkant, nu eens matrix, dan weer kwadrant of schijf genoemd. Ander kleurtje, nieuw geurtje, snufje minder zout, iets meer peper en hup, we hebben weer een ‘nieuwe’ methode, hét Ei van Columbus! Iedereen áltijd gezond en gelukkig! En waar men telkens denkt dé waarheid gevonden te hebben, dé oplossing voor ieders probleem, toch komen er telkens weer ‘nieuwe’. Wat verklaart hun succes?

 

Doorgaans begaafde sprekers en schrijvers, charisma en humor te over, net als hun beloftes. Therapie onzin, twee sessies van hun methode, paar puntjes aanstippen of bekloppen en je bent altijd gezond en gelukkig en je afdeling loopt weer als een trein! Tja, wie wil dat nou niet? Maar we weten allemaal dat het zo niet werkt. Niet blijvend in elk geval.

 

Als het namelijk wél zou werken, zouden er toch niet telkens nieuwe hypes worden uitgevonden?

 

Ook leidinggevende Jan moest samengevat in zo’n kleurrijk model, of ik zijn rapport wilde lezen? Ik kijk hem bedremmeld aan, begin te bladeren in het lijvige rapport met teksten als: ‘Jan beschikt over dit en dat en kan in geval A zo reageren maar in geval B soms ook zo’. En na een uur weet je eigenlijk nog niet wat je precies gelezen hebt, laat staan wat je er aan hebt?!

 

Ik antwoordde dat me dat mogelijk een hele dag kost, en of het hem dat, gezien mijn uurtarief, wel waard was? ‘Ach’ zegt Jan, ‘maar jij ziet het zo ook wel hè?’ Ik begin te zoeken naar iets meer persoonlijks, wat echt iets over Jan zelf zegt. ‘Staat achterin, bij de conclusie’ helpt Jan. Aha, ik lees: ‘Uit de test is gebleken (zie 3ekwadrant, 2elid) dat Jan niet zo gemakkelijk van vertrouwen is. Het kost best wel even tijd om dat bij hem te winnen. Maar, als je eenmaal zijn vertrouwen hebt, dan lijkt het voor het leven en is er heel goed samen te werken met Jan’. ‘Dat klopt toch,’ zegt Jan, ‘zo zit ik toch ook in elkaar?’ ‘Helemaal waar Jan, klopt precies! Voor jou, en nog 98% van alle Tukkers…’

 

Willen we dan zo graag ‘belazerd’ worden? Moet ik dan misschien ook maar een nieuwe hype beginnen? Heb ik wel een klinkende naam nodig voor mijn werkwijze. Mindlessness wellicht? Of Kromdenken? Of zou Kafkaiaanse Grobbologie toch meer volgelingen trekken?!…

 

Lieve mensen, alle gekheid op een stokje, moraal van dit verhaal?

 

 

Als het jou, je afdeling of je organisatie in het algemeen goed gaat, dan kun je probleemloos dit soort trends volgen en als bedrijfsuitstapjes beschouwen. Een workshopje hier, een dagje hei daar, prima om je zinnen en je blik even te verzetten. Altijd goed en leuk, maar meer is het niet! Verwacht niet dat er echt iets verandert.

Zijn er werkelijk problemen, is er écht iets aan de hand, loopt het structureel niet goed op jouw afdeling of loop je al (te) lang tegen grenzen aan, zit je écht niet lekker in je vel, dan helpt alleen een goede coach, therapeut of trainer. Hoe kun je deze herkennen? Je kunt het lezen in mijn boek ‘Laat je de kop niet gek maken’ (blz. 146).

 

Blijf je toch liever geloven in gouden bergen die je schijnbaar moeiteloos kan beklimmen? Houd dan wel rekening met steile afgronden…

 

 

Zorgen om je pensioen?

Rituelen, heerlijk! Ritme geeft rust. Zo begin ik bijna ieder weekend met een ontbijtje in mijn stamcafé. Samen met mijn disgenoot bespreken we de actuele problemen in de wereld, en lossen deze kordaat op. Let wel, in de regel zelfs binnen een uur! Akkoord, met erudiete voorkennis uit de colomn ‘Crisis binnenkort voorbij!’ is het oplossen van welke crisis dan ook meestal een fluitje van een cent.

Veel makkelijker in elk geval dan je eigen problemen… Zo maakte mijn disgenoot mij onlangs opmerkzaam op een persoonlijk probleem; ‘Maar Harry, maak je je geen zorgen om je pensioen dan?!’ Met verbaasde blik: ‘Hoezo, ik héb helemaal geen pensioen?!’ Waar ik lichtelijk aan zijn IQ begon te twijfelen, bleek later dit genoegen geheel wederzijds te zijn geweest…

 

Geld, macht en status lijken de meest begerenswaardige attributen voor dit leven als je kijkt naar onze huidige samenleving. En het acteren daarin van de meeste mensen. Maar als er een hiernamaals is, geen van drieën kun je meenemen! Toch? Ik kan me ook niet voorstellen dat, zou het zo zijn, Petrus of één van zijn collega’s je bij de hemelpoort vraagt hoeveel ‘talenten’ je hebt verdiend?! ‘Wat heb je er mee gedaan?’ of bijvoorbeeld ‘Wie heb je er mee geholpen?’ lijkt mij meer in de lijn der verwachting te liggen.

Vanwaar dan dat streven naar méér, dáár, anders? Waarom zijn we niet gewoon tevreden en werken we met de middelen die we aangereikt krijgen. We komen hier hulpeloos en zo vertrekken we ook weer, wat hierna ook zou komen. Zou dát het dan zijn, die hulpeloosheid, de fragiliteit van het leven? Bang dat we ons niet kunnen redden als we oud en gebrekkig zijn? Maar dan zijn er toch ook weer jonge mensen die ons kunnen helpen en voor ons zorgen? Zoals wij voor hen hebben gezorgd?!

 

Mmm, ik moet dit even laten bezinken. En bespreken met mijn disgenoot tijdens het volgende ontbijtje. Ongetwijfeld vinden we een oplossing! Moet lukken. Volgende column.

Het vergeten signaal

Mijn vorige column (http://www.harrygrob.nl/de-witte-man), en dan vooral mijn oproep tot méér discriminatie (vooral van jezelf), schijnt nogal wat tongen losgemaakt te hebben. Toch is het dé weg naar een betere balans en in een tijd van een explosief aantal toenemend burn-outs een noodzakelijk advies. Naast de persoonlijke tragedie die een burn-out omhelst,  is er voor ondernemers ook een enorme financiële schade. Volgens collega Mascha Mooy van Bye Bye Burn-out kost een gemiddelde burn-out ondernemers zelfs meer dan € 120.000,-! Alle reden dus om alert te blijven. Gelukkig circuleren er vele lijstjes met aandachtspunten voor leidinggevenden. Eén signaal echter wordt vaak vergeten:

Géén signaal…

Leidinggevende Jan: ‘Ik noem ze mijn peilstokken, twee van mijn medewerkers. Gouden aanwinst voor ons bedrijf; niets is ze te veel, altijd goedgemutst, waar andere problemen zien, zien zij oplossingen en klanten lopen met hen weg. Als het niet goed gaat, de druk wordt té hoog, komen de klagers als eerste, hoef ik me geen zorgen over te maken. Maar als zij komen, of erger nog, als ik hen niet meer hoor of zie, dan weet ik dat er écht iets aan de hand is en neem ik mijn maatregelen!’

Kortom, geen bericht, geen signaal?  Meestal goed nieuws! Maar, let op uw ‘peilstokken’, uw gouden medewerkers, als u hen niet meer hoort, dan is het oppassen geblazen. Want, áls het dan mis gaat, tja, dan is de schade vaak niet te overzien. Persoonlijk. En financieel.

De Witte Man

Waar in mijn jonge dagen vooral ‘de vieze man’ de maatschappelijke gemoederen danig beroerde, later gelukkig geïdentificeerd door een zekere heer de Bie, is het recent vooral ‘de witte man’ die voor de nodige onrust in onze samenleving zorgt. Er is zelfs een boek over hem geschreven. Het zou allemaal zijn schuld zijn. Je begrijpt, ik was enorm nieuwsgierig, want ik had nog nooit een witte man gezien. Laat staan, dé witte man. “Zal hun opperhoofd wel zijn”, hoor ik mezelf nog denken.

Maar onlangs had ik geluk! Hij zat namelijk in een discussieprogramma op NPO 2 zo werd mij verteld. Een prachtige jongedame, lieve uitstraling overigens, mooie bruine kleur, zwart haar, studente sociologie, had haar buurman geïdentificeerd als ‘de witte man’?! Mijn ogen trilden, de camera zoomde op hem in, ik op ‘t puntje van mijn luie stoel…

Maar, lieve mensen, die man wás helemaal niet wit! Ik zou zeggen, meer beige met wat rozige  pigmentvlekken en zo, en wellicht her en der een wit vlekje, maar ook wel enkele bruine. Maar om ‘m nou wit te noemen? Nee, dan ben je toch echt wel kleurenblind. En hij kreeg de schuld van de slavernij, alle (?!) oorlogen en zélfs van de Spaanse inquisitie? Nou, zelfs een kind kon zien dat hij nog lang geen 500 jaar was!

 

Ik begreep er niets van, vroeger moest je toch minstens VWO hebben als je naar de universiteit wilde. Later bedacht ik me, zou ook kunnen, zou het dát dan zijn, was er wellicht iets mis met haar bril? Nou ja, in elk geval, wat ben ik blij dat ook ik die witte man niet ben! Pfff, je zal ‘m maar zijn! Krijg gewoon met ‘m te doen zeg. Mocht je hem toevallig ergens tegenkomen, zwaar zuchtend onder het C.C.S.S. (Collectieve Calvinistische Schuldgevoel Syndroom), bied ik gratis mijn diensten aan.

Goed, als je me nu wilt excuseren, nu gauw verder met m’n boek. Ik schrijf namelijk een boek over een bruine lesbische vrouw. Ik hoorde uit betrouwbare bron dat zij vermoedelijk verantwoordelijk is voor het uitsterven van de mensheid over enkele millennia, maar ik moet daar nog even op verder studeren. Ik slik natuurlijk niet alles zo maar voor zoete koek, wat denken ze wel niet?!

Maar, wie weet krijg ik ‘te hetter tijd’ toch wel gelijk. Pardon? Nee nee, ‘te zijner tijd’ is ook een vorm van discriminatie zo hoorde ik laatst. Pfff, maar eerst even naar de openbare WC. Chips, ik moet zo nodig, maar welke deur moet ik nou hebben?! Even snel denken, wat voor dag is het vandaag, oh ja, rokjesdag. Oh, dan zal het deze wel zijn… Waarom gilt iedereen nou zo?

 

Welnu, druk baasje als ik ben, verder met mijn research naar discriminatie. Er zou ook nog een Turk zijn (zie je wel, tóch weer een Turk), die volwassenen discrimineert! Even laakbaar als je het mij vraagt. Maar hij schijnt zich zelden te vertonen, durft ie alleen als de dagen korter worden. Tja, dat snap ik. Hij zou een baard hebben en vaak een rode muts dragen. Waarschuw je me even als je ‘m toevallig ziet?

 

Beste lezer, we doen al eeuwen niets anders, met het vingertje wijzen… heeft het iets opgelost? Is er werkelijk iets verandert? Het verleden kunnen we toch niet meer veranderen, de ander evenmin… Jezelf en de toekomst mogelijk nog wel! Moeten we vooral zó doorgaan, veel etiketjes blijven plakken. Vooral op ‘de ander’… en ons gevangen laten houden in het groepsdenken, ‘wij’ en ‘zij’. Verdeel en heers. Wie had dat ook al weer bedacht? Voor de meer intelligentere mensen onder ons die evenzeer als ik snakken naar meer broederschap en menselijkheid in deze wereld, vervolg ik:

 

Spiegeltje, spiegeltje aan de wand, wie wordt er nou eens slim in dit land?!

Ik heb er al drie gevonden:

1.     Slogan van een basisschool in mijn buurt:

  • Everyone equal
  • Everyone different
  • Everyone special

2.     Citaat Paul de Blot:  “Niemand wordt als terrorist geboren”.

3.     Citaat Barack Obama:   “No one is born hating another person because of the color of his skin or his background or his religion”.

 

Nu begrijp je vast, hierbij mijn appèl aan een ieder om vóóral te discrimineren, naar hartelust! Van ’t zomer zei zo’n gast (en hij kon het weten, had er immers voor gestudeerd, psychiater of zo), dat het ontkennen dat je discrimineert, juist een kenmerk van discriminatie is…. Dús, doen, discrimineer!

Gymnasten onder ons weten dit al lang; we kunnen niet eens anders! ‘Discriminare’: ‘onderscheiden’. Dat kon je al als baby. Je voelde perfect het verschil tussen een vol buikje of een volle luier en wist ook heel goed hoe je dit kenbaar moest maken bij dat vertrouwde gezicht en die vertrouwde geur. En nog vóór je wist wat halitose betekende, en pas later leerde dat dat bij Tante Bep hoorde, rook je drommels goed dat zij niet je standaard verzorger was. En weer later nam je al die verschillen in kleur, spraak, voortbewegen enzovoorts ook bij anderen waar; “Hey, jij zit in een stoel met wielen”, “Hey, wat heb jij op je neus?” maar je hechtte daar geen waarde oordeel aan.

Als anderen node de intelligentie ontberen om die verschillen in uiterlijk, geloof, leeftijd, sekse of wat dan ook te vertalen in ‘minder of meer kans’, ‘über- of untermensch’, en alles wat daar aan ziekelijke denkbeelden tussen ligt, dan zegt dat iets over hun! Maar als jij het binnen laat komen en het je zo bezig houdt, wat zegt dat dan over jou? Zou Gandhi gelooft hebben dat hij minder was? Of Rosa Parks? Of Mandela?

 

Kortom, discriminatie is positief, een ieder is immers anders en even waardevol en bijzonder. Gelukkig maar, want alleen dan kunnen we van elkaar leren en iets voor elkaar betekenen! Enige vorm van discriminatie die juist niét positief is, is positieve discriminatie. Hiermee impliceer én versterk je ‘het mindere’ van welke (sub-) groep dan ook en bied je een schuilplaats voor ‘die ander’. Dat denk je tenminste. Maar het is een gevangenis! Je zit er niet in, maar hij zit in jou…

We zijn allemaal familie volgens paleontologen en gelijkwaardig. Zodra u dat inziet, vervalt in de regel heel snel de ‘w’.

Spiegeltje spiegeltje aan de wand, wie doet er nou eens aardig in dit land?

Heb jij het lef en de intelligentie (immers, het enige waar je macht over hebt ben jezelf…) naar jezelf te kijken i.p.v. ‘de ander’? Maar hoe je dat dan doet, jezelf discrimineren, onderscheiden?

Slimme vraag! Simpel antwoord! Maar nog even wachten, in het boek dat ik écht schrijf leg ik het je graag uit. Rond de jaarwisseling verschijnt ie, een boek waarin en waarmee ik ook mezelf flink discrimineer. Want, om maar eens met streekgenoot Finkers te spreken, waarom zou ik jou wél discrimineren en mezelf niet?!

Is het niet zweverig dan?!

Als je je nu voorstelt als coach of alternatief therapeut, geen hond die er meer vreemd van opkijkt. Zelfs al doe je iets met ‘Jin en Jan’ of ‘Ko wit de flow uut Almelooo en zooo’…

Maar toen ik circa 17 jaar geleden begon en in het bijzonder bij grote organisaties als het ABP en Shell binnenstapte, was dat geheel anders. Naast dat vele directies nu veelal ervaren hebben dat investeren in personeel rendeert, weten zij inmiddels ook dat, behalve traditionele methodes, een onconventionele werkwijze evenzeer tot uitstekende resultaten kan leiden. Vroeger kreeg ik vaak de vraag of mijn methode zweverig was. Als ik nu die vraag krijg, antwoord ik: “Ik woon  in een molen, loop op klompen met geitenwollensokken, kweek uitsluitend brandnetels in mijn tuin en ben de hele dag zo stoned als een garnaal!” waarbij ik uiteraard mijn talent voor een zogeheten strabismus-face ten tonele voer.

Wellicht is het toch zinvol om hierbij op hoofdlijnen mijn visie te geven op de Oosterse geneeswijzen, waarover bijna 5.000 jaar geleden het eerste boek verscheen, de Nei Ching (the Inner Medicin).

Oosterse geneeswijzen adviseer ik selectief en in de onderstaande situaties:

  1. Preventie van ziekte: voorkomen en gezond blijven voor zover dat in je mogelijkheden en genen ligt. Dat is in feite de oorsprong en het bestaansrecht van de Oosterse geneeswijzen.
  2. Herstel van ziekte: doe Yoga of Tai Ji, neem een Shiatsu massage, beweeg voldoende en eet gezond, helpt allemaal. Uiteraard moet altijd een reguliere arts betrokken blijven. Daarnaast kan een goede therapeut uit de complementaire zorg je zelfhelend vermogen ondersteunen en versterken.
  3. En tenslotte, als ook de medisch specialist tijdens je second opinion zegt dat je nog maar zoveel maanden te leven hebt, tja, stort je dan desgewenst maar op Goeroe X of Wondermethode Y, als het je goed doet en je kan je er je laatste maanden wat prettiger door leven, prima. Hoop doet leven toch, maar hou wel een realistische balans aan tussen hoop en de harde werkelijkheid.

Als er écht iets aan de hand is, dan adviseer ik altijd in de eerste plaats te vertrouwen op de medici in onze ziekenhuizen, al is het maar omdat ik uit mijn praktijkervaring weet dat er veel op geld beluste kwakzalvers rondlopen. Zeker, Dustin Hofman, Michael Jordan, Alan Watts, John Denver, Yehudi Menuhin om er maar eens een paar te noemen, zijn geen van allen dom. Zij hebben alle gewerkt met mijn Chinese leraar in Californië. Echter, in der Beschränkung zeigt sich der Meister.

Ook als coach en therapeut moet ik mijn grens weten. Ik ben geen dokter, evenals mijn collegae! Sommigen menen na een cursus Medische Basiskennis te hebben gevolgd zich overigens wel op het medische vlak te kunnen begeven. Ik ben daar faliekant op tegen. Zoals cliënt Piet bijvoorbeeld, die na de diagnose van een tumor ook hulp in de complementaire zorg zocht:

“Nee hoor, ik voel geen tumor!” “Weet u het zeker?” vroeg hij de therapeut. “Ja hoor, de computer geeft niks aan en ik voel het zelf ook niet”… En terwijl Piet een foto onder diens ‘helderziende’ ogen schuift, alternatief toptalent onder BN-ers, zegt hij: “Nou, dan zal de MRI het wel fout hebben. Wat adviseert u, kruidentherapie of Mindfulness of zo?! en verlaat diens praktijkruimte.

Kortom beste mensen, vertrouw op uw intuïtie, waar u ook hulp zoekt, maar gebruik altijd uw verstand! En leef gezond. Uw emotionele en/of fysieke balans verliezen, dat wilt u niet. De confrontatie met een ingrijpende disbalans heeft maar één voordeel: u heeft dan nog slechts één wens in plaats van duizend-en-één.

Hart werken

Er is niets mis met hart werken als u het maar met een ‘t’ spelt, zoals u in mijn laatste nieuwsbrief kon lezen. Echter, als een mens van zijn of haar hobby zijn werk heeft gemaakt, hoe aantrekkelijk dat ook is, ook dan is het oppassen geblazen.

Zo herinner ik me van enige jaren geleden een intakegesprek van een ‘whizzkid’. Hij was goud waard voor zijn ICT-bedrijf, maar hij was druk. Veel te druk. Hij maakte lange dagen, kreeg zijn werk nooit af en was eigenlijk continu overbelast. Ik vroeg hem wat hij deed om te ontspannen. “Computerspelletjes” flapte hij er uit met een twinkeling in zijn ogen. Ik fronste één van mijn wenkbrauwen, maar zei verder niets. “Ja, maar dat doe ik puur voor de ontspanning. Een paar uurtjes elke avond” voegde hij eraan toe. “Hoe lang zit je elke dag dan achter de computer? 14 Uur of zo? Onlangs nog wel eens een boom gezien? Of je familie?…” Langzaam drong het tot hem door.

Of u nou leiding geeft aan een non-profit instelling of een bedrijf, groot of klein, vraag eens naar de hobby’s van uw medewerkers. Zodra een medewerker uitsluitend het werk als zijn/haar hobby noemt, dan is alertheid geboden. Onbalans ligt dan op de loer en dat gaat vroeger of later uiteindelijk ten koste van het werk!

Als ik u dan nog iets mag wensen voor 2015:  ook u, werk én leef met uw hart, maar zorg wel voor de broodnodige variatie.

Vind je dit niet gênant dan?

De bestuurder van een grote overheidsinstelling komt in het gesprek met mij langzaamaan bij zijn onzekerheid en pijn. “Ik heb alles bereikt in het leven wat ik wil: een top baan, een gelukkig huwelijk, gezonde en fijne kinderen, een plezierig sociaal leven. Vind jij het niet gênant dat ik op mijn 52-ste toch nog met allerlei levensvragen zit?” Mijn antwoord was simpel: “Op je 82-ste op je sterfbed liggen en dan met dit soort vragen worstelen, dat is ….”

Veel mensen die hulp zoeken bij een coach of psycholoog zitten met belangrijke vragen.

  • “Doe ik eigenlijk nog wel wat ik wil?”
  • “Geeft mijn werk mij nog energie?”
  • “Waarom voel ik me minder prettig in mijn relatie de laatste tijd?”
  • “Waarom loopt mijn communicatie met die en die zo stroef?”
  • “Geef ik wel op de goede manier leiding?”

Vrijwel iedere cliënt vraagt zich af of dat wel ‘normaal’ is en twijfelt aan zichzelf. Twijfelen leidt tot zelfreflectie, andere inzichten en biedt nieuwe mogelijkheden. Geen twijfels: het is ‘de dood in de pot’.

Of u nou twijfels heeft over uw relatie, uw werk of wat dan ook, bij een coach in de spiegel kijken komt u ten goede, maar ook uw directe omgeving, privé en professioneel.